LiteRom en de auteursrechten

Het inct.archief van de digitale geschiedenis

Auteur: Jak Boumans
voeg toe aan mijn kennisbank
LiteRom en de auteursrechtenOp 27 november 1992 werd de eerste editie van LiteRom in het Letterkundig Museum/Koninklijke Bibliotheek ten doop gehouden. De cd-rom bevatte 43.000 boekrecensies die tussen 1900 en 1991 in de Nederlandse dagbladen waren verschenen. De cd-rom was bedoeld voor gebruik in de bibliotheken. De presentatie was opmerkelijk om twee redenen: Willem Frederik Hermans  gaf een toespraak en het cd-romproject kreeg een lange juridische staart.
 
Het was merkwaardig dat W.F. Hermans de presentatie mocht verzorgen. De typemachineverzamelaar had wel een computer, maar zonder cd-romspeler. Zijn presentatie is later gepubliceerd als Slechte kritieken gaan nooit verloren, goede ook niet, sinds kort. In zijn optimisme hoopte hij dat het nieuwe medium cd-rom te zijner tijd het volledige zintuigenbestel zou kietelen met de toevoeging van geur en tast. Maar ook voor de toepassing van LiteRom was zijn kijk op nieuwe media te optimistisch. De cd-rom uit het pre-internet tijdperk is tegenwoordig nauwelijks meer af te spelen. Het wachtwoord is uiteraard zoekgeraakt en het bestand kan niet ingelezen worden op computers met Windows 10, tenzij er een emulatieprogramma wordt gebruikt.
De rest van de presentatie besteedde W.F. Hermans aan de verschillen in de tekstbezorging van de historisch-kritische uitgave van de Max Havelaar die door W.F. Hermans zelf was gemaakt en die van een andere bezorger, mevrouw Kets-Vree.

Auteursrechtenstrijd

De LiteRom wordt niet herinnerd om dit polemiekje tussen tekstbezorgers, maar om de langdurige auteursrechtenstrijd die hij in gang zette. De LiteRom werd uitgegeven door de toenmalige bibliotheekkoepel Nederlands Bibliotheek en Lektuur Centrum (NBLC). Deze had geen toestemming gevraagd aan de desbetreffende auteurs en dagbladen voor het gebruik van de artikelen. Direct na de lancering begon de strijd om de auteursrechten en dat zou een tijdrovende procedure worden. De schrijvers, de journalistenbond NVJ en het toenmalige uitgeversverbond KNUB legden zich bij dit hergebruik niet zomaar neer. Centraal stond de vraag of de bibliotheken de ondertekende artikelen uit dagbladen zonder toestemming en zonder vergoeding mochten publiceren. In 1993 werd een procedure aangespannen bij de Haagse rechtbank, dat het NBLC in 1995 veroordeelde. De herpublicatie van recensies was niet gelijk te stellen met knipselkranten over actuele onderwerpen, dit mede omdat de recensies waren ondertekend, aldus het oordeel van de rechtbank. Toestemming en een billijke vergoeding waren in dit geval nodig.

Geen regeling

De uitspraak van de rechtbank loste de zaak tussen het NBLC en de vertegenwoordigers van de auteurs niet op. Mede door de koppigheid van enige bestuursleden van het NBLC kwam het niet tot een regeling, waarna in 1997 een distributieverbod voor de titel werd gevraagd. Na een bestuurswisseling bij het NBLC werd uiteindelijk in 2000 een overeenkomst getekend, waarbij 50.000 gulden voor recensies uit het verleden werd uitbetaald en 62,50 gulden per nieuwe recensie. Met de toevoeging van 7.000 recensies kon eindelijk weer een nieuwe geactualiseerde editie van Literom worden gemaakt.
 
Intussen is de naam LiteRom een anachronisme geworden, want het bestand is het internettijdperk ingegaan en de kritieken zijn nu online beschikbaar bij de bibliotheek in drie verschillende smaken: Literom Nederland, Literom Jeugd en Literom Wereldliteratuur.